Mijn schaduw en ik


Mijn schaduw en ik

Vrouwelijk schaduwbeeld

Je schaduw en de mijne dus ook bestaat uit die delen van jezelf die je in jezelf ontkent. Het de dingen in jezelf die je jezelf niet toestaat te zijn. Je verstoot ze als het ware ergens op reis in je leven. Je mag bijvoorbeeld niet stom zijn van jezelf en je mag niet te veel eten, je mag niet lui zijn, je mag niet vloeken of hard praten, etc. Net als iedereen heb je eigenschappen in jezelf waar je niet blij mee bent en die je liever niet wilt zijn.

Conditionering

Je schaduw ontstaat als een gevolg van onze conditionering in onze jeugd. Vader, moeder, meester, juf, onze cultuur en de kerk hebben daarin allemaal hun steentje bijgedragen. In veel kerken bijvoorbeeld wordt vaak het verschil tussen goed en kwaad benadrukt. Goed en kwaad worden daarin vaak neergezet als van elkaar losstaande delen, waarbij alleenego het goede en het streven naar het goede een goed mens opleverde.

Ik ben alles en alles is in mij

Er is echter ook een andere benadering mogelijk. Goethe zei het vroeger al: Alles is in ons. Je hebt zowel goed, als het kwaad in je. Het zijn alleen de verlichte mensen die in staat zullen zijn hun kalmte te bewaren als hun kind voor hun ogen verkracht en vermoord wordt. De meeste mensen echter zullen in dat soort situaties hun instincten volgen en geneigd zijn om kwaad met kwaad te vergelden. Het kwaad van een ander haalt ook het kwaad in ons naar boven. Of als je echt geen geld meer hebt en je kinderen hebben honger, wordt de dief of de gigolo dan misschien ook wakker in ons?

The strange case of dr. Jekyll and mr. Hyde

Ik ben vroeger tijdens mijn middelbare schooltijd altijd gefascineerd geweest door het verhaal van dr. Jekyll en mr. Hyde. Beide een afspiegeling van het kwade en het goede in ons. Nog steeds een spannende film of boek, mocht je interesse hebben…

Inspiratiekaart

Status quo handhaven

Je denken, je ego heeft de neiging zijn kop in het zand te steken en draagt daarmee bij aan het in stand houden van je schaduw. Je ego wil graag dat het is zoals hij het ziet en heeft er helemaal geen zin om ook naar de andere kant te kijken en te zoeken naar heelheid. Je ego wil graag de status quo handhaven.

Identificatie met je denken

En aangezien we ook nogal eens denken dat we zijn wie we denken dat we zijn, identificeren we ons met ons denken. Daarmee versterken we de gespletenheid in onszelf. We staan onszelf niet toe te zijn wie we ook zijn. Wie we naast al onze mooie dingen ook zijn. De zielenpiet, de sikkeneur, de mierenneuker in ons. Allemaal kanten van onszelf die we liever naar het rijk der schaduwen verdrijven.

Wel ‘goed’ maar niet ‘heel’

Toch is het in de praktijk vaak lastig, wanneer je sterk vanuit deze principes leeft, om gelukkig te zijn. Je onbewuste zorgt er namelijk voor dat je onbewust die situaties opzoekt waarin je je verdrongen kanten van jezelf tegenkomt. Het resultaat is dat je misschien wel gelijk hebt, maar niet gelukkig bent. En misschien ben je dan wel een ‘goed’ mens, maar niet ‘heel’.

Dualiteit

De wereld van de vorm waarin wij met ons fysieke lichaam leven is er nu eenmaal eentje van dualiteit. We leven in de wereld van twee in plaats van een. Alles wat we in ons leven waarnemen bestaat bij de gratie van het tegendeel. Wit bestaat niet zonder zwart. Licht niet zonder donker. Het goede niet zonder het kwade. Voor niet zonder tegen.

Inspiratiekaart

Wie ben ik ik die ik niet wil zijn?

Je schaduw is alles wat je in jezelf hebt afgewezen. Alles wat je niet wilde wie je was. Alles wat niet paste in jouw ideaalbeeld van jezelf.  Die delen, die stukken van jezelf die jij niet wilt/wilde zijn gaan daardoor onbewust hun eigen leven leiden.

Licht brengt lucht

Maar er is licht in de duisternis van de schaduw. Je kunt haar bevechten, maar dat levert alleen maar meer schaduw op. Je kunt haar proberen te vermijden, maar ze zal altijd voor je of achter je zijn op een zonnige dag. Wat je kan helpen ‘heel’ te worden is het licht van jouw bewustzijn in te brengen.

Ben ik bereid te kijken?

Door bereid te zijn te kijken naar wat je afwijst in jezelf. In jezelf en in de ander. Want de ander is daarin een geweldig hulpbron. Alles wat je afwijst in de ander, is op de een of andere manier een afspiegeling van jezelf. Kijken naar wat je afwijst in jezelf en de ander alleen al zorgt ervoor dat je het licht van je bewustzijn laat schijnen, waardoor er iets verandert.  Het onderdrukken van delen van jezelf kost je veel energie en maakt ook dat je veel energie steekt in iets dat je weinig op gaat leveren.

Herhalende gedachten

Je herkent die ongewenste delen in jezelf door je bewust te worden van de zich steeds opnieuw herhalende gedachten. Gedachten als: ik ben niet goed, ik mag niet huilen, ik kan het niet, ik doe het straks wel. Maar ook door je bewust te worden van gevoelens die je lastig vindt om te voelen. Gevoelens van boosheid, verdriet, pijn, weerstand, walging, schuldgevoel, etc. En ook door je bewust te worden van de alarmsignalen van je lichaam. Hartkloppingen, een hoge oppervlakkige ademhaling, benauwd gevoel, gespannen spieren, je darmen die raar doen, etc. zijn allemaal signalen van je schaduw.

Inspiratiekaart

Wat kan ik nu doen om licht op mijn schaduw te schijnen?

Leer vooreerst je schaduw kennen en herkennen. Laat je bewustzijn je helpen om vanaf een afstandje te kijken naar wat er in je gebeurt. Wees je bewust dat je nare gedachten HEBT, dat je vervelende gevoelens HEBT en dat je lichaam zweetsignalen afgeeft, maar weet: Je BENT dit niet, je HEBT ze. Accepteer dat er is wat er is. Onderzoek wat er wil zijn. Wat heeft deze situatie, deze gedachten, gevoelens en fysieke sensaties je te vertellen? Wat wil hier zijn? Vraag jezelf af, wat jij er vanuit je bewust zijn mee wilt. Hierdoor ontstaat een gevoel van keuze, van mogelijkheden. Je bent geen slachtoffer meer.

Ongeduldig…

Valkuil is wel dat je je ongeduld tegen kunt komen. Kijk uit dat je niet te snel wilt. Wees lief en empathisch voor jezelf. Dit zijn geen processen met knopjes waar je op kunt drukken en voilà, probleem opgelost. Het vraagt tijd, moeite, energie en lief zijn voor jezelf.

De schaduw die mij lang achtervolgde

Ik wil aan de hand van wat ik in mijn eigen leven meenemen in mijn ervaring in een van de meest vervelende ‘problemen’ heb gevoeld. Als kind werd ik gepest met mijn vooruitstekende tanden. Een basisreactie is dan vechten of vluchten. Ik koos voor vechten. Vechten in de zin van verbaal zeer sterk reageren. In de praktijk sterk overreageren. Dit mechanisme heb ik vele jaren bij me gedragen en tentoongespreid. Als ik ook maar iets voelde van kritiek of iets dergelijks, dan kreeg de (in mijn ogen) tegenpartij hem onder uit de zak. Het resultaat was dat ik veel weerstand en strijd in mijn leven creëerde. Ik was me er op een gegeven moment wel van bewust dat mijn communicatie hier een bepaalde rol in speelde, maar dat resulteerde ook na allerlei verschillende communicatietrainingen en opleidingen niet in een ander patroon. Wat licht bracht, was de constatering tijdens mijn opleiding tot trainer coach, dat ik had te accepteren dat dit was wie ik was. Dat dit hoorde bij mijn standaarduitrusting. Dat dit onderdeel van mijn schaduw was. Vanaf dat moment besloot ik te accepteren dat die ‘grote mond’ bij mij hoorde en dat het oké was dat dat er was. Het gevolg was dat ik niet meer hoefde te strijden voor mijn gelijk. Ik mocht zijn wie ik was en kon accepteren dat anderen daar soms moeite mee hadden. Waardoor ik niet meer hoefde aan te vallen, maar kon reageren vanuit een: ja, that’s me. Zo doe ik. En ik snap dat je daar last van hebt. Het gevolg: Weg weerstand en welkom innerlijke rust. Heerlijk! Dus vraag jezelf eens af: Wie ben ik nog meer die ik niet wil zijn?

Bron: http://www.confront.nl/artikelen/468-mijn-schaduw-en-ik/?

Spelen met schaduwkanten


Onlosmakelijk verbonden met jouw eigen schaduw(kant). Laat je je achtervolgen of kies je ervoor om er mee te spelen? Zij laat je zien hoe leuk, verrassend en fascinerend deze ontdekkingstocht kan zijn 🙂 Wat een heerlijk kind..

Als kind al speelde ik al met mijn schaduw. Nu nog weleens dat veel plezier kan brengen.
De meeste mensen zijn bang voor hun schaduw, dus ook voor de ‘duistere of verborgen’ kant van jezelf.

De twaalf poorten van de ziel


De twaalf poorten van de ziel

De eerste poort: Ontdek je eigen waarde
Hoe slim, aantrekkelijk of begaafd je ook bent, je bent geneigd
je inspanningen te ondermijnen en je relaties onderuit te halen
als je betwijfelt of je het waard bent, of het je toekomt.
Het leven is vol geschenken en kansen. Je kunt ze pas met open armen ontvangen en ervan genieten wanneer je jouw wezenlijke waarde onderkent, blij bent met jezelf en net zoveel mededogen en respect voor jezelf op kunt brengen als je aan anderen zou geven. Ontdek je eigen waarde; het bevrijdt je ziel

De Tweede poort: Je wil is van jou
Er schuilt een onaangeboorde kracht in jou: de kracht van je wil, van je ziel, van je hart. Het is een kracht die bij tegenspoed niet aflaat. Je hoeft alleen maar in gedachten te houden met welk doel je naar de Aarde gekomen bent, met welk ideaal een ideaal dat je tot in de sterrenhemel voert, tot in de diepten van de oceaan en omhoog, de trap naar je ziel op. Er ligt een enorme wilskracht in je verscholen, die louter tot uitdrukking gebracht wil worden.

De Derde Poort: Activeer je lichaam
Je lichaam is het enige dat je gegarandeerd je hele leven bij je zult houden. Het vormt de basis van je aardse bestaan. Je lichaam activeren verrijkt je leven, doordat het alle menselijke mogelijkheden vergroot. Wanneer het je aan vitaliteit ontbreekt,
is er verder eigenlijk niets van belang; wanneer je gezond bent, ligt de hele wereld voor je open.

De Vierde Poort: Goed Geldbeheer
Geld is God noch duivel maar een vorm van energie. Geld kan je, net als liefde of angst, van dienst zijn of vast kluisteren afhankelijk van hoe je het beheert. Door je doelstellingen te verhelderen en je talenten te gebruiken,kun je een goed inkomen verwerven met iets van je fijn vindt, en ondertussen tegemoet komen aan de hoogste roeping van je ziel.Wanneer je je geld goed en verstandig gebruikt deel je je materiële en geestelijke rijkdom met de rest van de wereld.

De Vijfde Poort: Bedwing je denken
Je ziet de wereld door een vertekend venster van overtuigingen, interpretaties en associaties. De wereld is dan ook een afspiegeling van je denken. Als je denken helder wordt ga je de werkelijkheid simpelweg zien zoals ze is. Hoe beleef jij het leven, en wat zegt dat over de filters van jouw waarneming?

De Zesde Poort:Vertrouw op je intuïtie
Onder je dagelijkse bewustzijn ligt een ander bewustzijn, als dat van een sjamaan als van een kind, wever van dromen, hoeder van het instinct.In je onderbewuste liggen de sleutels tot schatkamers vol intuïtieve wijsheid, heldere inzichten en onaangeboorde kracht. Je hoeft niets anders te doen dan te kijken, te luisteren, erop te vertrouwen en aandacht te schenken aan dromen, gevoelens, ingevingen. Als je niet op je eigen innerlijke zintuigen kunt afgaan waar kun je dan wel op vertrouwen?

De Zevende Poort: Accepteer je emoties
Emoties zijn als de golven op zee, of de onweerswolken in de lucht:ze komen en drijven vanzelf weer weg. Je kunt je emoties niet de baas worden door een doelgerichte, wilskrachtige actie. Dus ben je niet verantwoordelijk voor je gevoelens; je bent alleen verantwoordelijk voor je reactie erop. Accepteer je emoties volledig, laat je gevoelens zijn zoals ze zijn. Zorg er alleen voor dat ze je leven niet bepalen.

De Achtste Poort: Zie je angsten onder ogen
Angst is een geweldige dienaar maar een verschrikkelijke meester.Angst kan, net als pijn, aanscherpen en adviseren maar ook je leven overschaduwen of beperken. Angst verschijnt in vele vermommingen, zoals ‘Daar ben ik niet in geïnteresseerd,’ of ‘Waar maak ik me druk om?’ of ‘Dat kan ik niet.’ Je staat dagelijks oog in oog met angst: je bent bang dat je tekortschiet, bang dat je wordt afgewezen, zelfs bang om jezelf te zijn. Je angsten zijn echter geen muren maar hobbels. Moed zit hem niet in de afwezigheid van angst maar in het overwinnen van de angst.

De Negende Poort: Licht op je schaduw
Als kind was je puur potentieel, vervuld en heel, open en authentiek, meegaand en machtig, lief en stout gedisciplineerd en spontaan,een vat vol mogelijkheden. Bij het groter worden heb je die delen van je wezen afgestoten die strijdig waren met de gangbare normen en waarden.Je schiep valse zelfbeelden en werd ‘zus’ maar niet ‘zo’. Die verborgen tegendelen spelen wel een rol, want juist wat je niet ziet kan je kwetsen. Door je schaduw in het licht te zetten word je weer heel, en echt. De energie die je ooit nodig had om je zelfbeeld te verdedigen,komt nu vrij en geeft kracht, begrip, deemoed en mededogen.

De Tiende Poort : Aanvaard je seksualiteit
Driften en verlangens naar een seksuele ontlading, eten, het leven zijn voor jou even natuurlijk als de wolken in de lucht of de golven op de zee. Als je de stuwende kracht van je impulsen onderdrukt of uitbuit, ontstaan er obsessies, dwanggedachten en met schuld beladen geheimen.Het leven is geen kwestie van toegeven aan de levensenergieën of ze verdringen; het gaat erom dat je ze observeert, accepteert en met wijsheid in goede banen leidt. Je seksualiteit aanvaarden betekent vieren dat je mens bent.

De Elfde Poort: Roep je hart wakker
Het grote geheim van het leven heet liefde. Liefde overstijgt angst en isolement, leidt je voorbij oppervlakkige sentimenten naar het vasteland van onbegrensd zijn. Liefde bestaat niet louter uit woorden en gevoelens, maar uit daden van een afzonderlijk ik, verder dan verstand en motieven, naar de aanvaarding van alle mensen,, dingen, omstandigheden. Genegenheid begint met kleine dingen, met ogenblikken van inzicht en deemoed, met je wezenlijke verlangen naar de liefdesband, het een zijn dat je wacht aan de binnenkant van de deur naar je hart. Je bent hier niet om contact te maken met je hogere zelf, je bent hier om je hogere zelf te worden

De Twaalfde Poort: Dienstbaar zijn
Dienstbaarheid is een houding die gebaseerd is op de erkenning dat de wereld je heeft ondersteund, je voedde, onderwees, beproefde, of je het nu verdiende of niet. Inzicht in die simpele waarheid kan je ertoe aanzetten om met alles wat in je is uiting te geven aan de grenzeloze dankbaarheid die je verschuldigd bent. Dienstbaarheid is zowel een middel als een doel, want door aan anderen te geven stel je je open voor liefde, overvloed en innerlijke vrede. Je kunt anderen niet van dienst zijn zonder jezelf te verheffen.

Bron: Dan Millman

Ego, Schaduw, Zelf volgens Carl Jung


 

 

Ego, Schaduw, Zelf volgens Carl Jung

alles is liefde

Carl Jung was degeen die het begrip ‘schaduw’ in de psychologie introduceerde. Hij gaf daaraan een geheel eigen betekenis: het verborgen ware zelf. Dat ware zelf kleeft aan je zoals je schaduw in de stralen van de zon. Als je in het zonlicht staat kun je hoog of laag springen, op je schaduw trappen en wat al niet, maar je raakt die schaduw niet kwijt. Dat geldt precies zo voor je ware zelf. Want je ware zelf, dat ben je, en dat blijft bij je, hoe verborgen ook en hoe je ook je best doet het te verstoppen.

De betekenis die Jung gaf aan het begrip schaduw was uiterst vernieuwend. Het was een nieuw inzcht over de mens als deel van een samenleving, namelijk over hoe je jezelf kwijt kunt raken, hoe je verleid kunt worden jouw unieke eigenheid op te offeren aan de sociale gemeenschap. Maar, ondanks deze prachtige en inzichtelijke betekenis die Jung gaf aan het begrip schaduw duikt helaas met grote hardnekkigheid steeds weer de uitleg op dat de schaduw onze slechte kant zou zijn – alsof we in wezen slecht of zondig zouden zijn en we dat zouden moeten aanvaarden. Maar dat is het tegendeel van wat Jung met de schaduw bedoelde. Dat is het dus niet, het is niet onze slechte, zondige kant. Wat is het dan wel? Het heeft alles te maken met de relatie tussen ego en zelf. Is die open of verbroken? Maar het werkelijk verrijkende inzicht van Jung is besloten in ‘de confrontatie met je schaduw’. Hoe zit dat?

Sociale identiteit, ego en zelf
We leven niet alleen op de wereld. We delen de wereld met onze medemensen. En reeds als jong kind wordt ons geleerd ons aan te passen aan onze sociale omgeving. We leren bijvoorbeeld de taal spreken van onze ouders, en ook de opvattingen over goed en kwaad, wie belangrijk is en wie niet, en nog veel meer.
Op zich is er natuurlijk niets tegen dat we ons leren aanpassen aan onze sociale omgeving. Het is een noodzakelijke vaardigheid om zinvol deel te kunnen nemen aan de samenleving.
Dat aanpassen gaat echter gepaard met een bepaald mechanisme, namelijk het vormen van onze sociale identiteit: wie we zijn als onderdeel van de samenleving waarin we opgroeien.
Daarbij kan een probleem ontstaan. Onze sociale identiteit is niet noodzakelijk wat we werkelijk zijn. Het is een beeld dat we van onszelf leren maken.
Als je dat beeld voor je identiteit houdt, als je geelooft dat je dat beeld bent, dan kan dat afgescheidenheid veroorzaken van het ware zelf. Dan hebben we ons een ego gevormd dat los staat, afgescheiden is, van het ware zelf.

Onwetend van je ware zelf
We willen als kind meestal graag zijn zoals onze omgeving dat van ons verlangt. En dat houdt het gevaar in dat we voor een kleiner of groter deel niet durven zijn zoals onze aanleg is. We kunnen dan van een deel van ons zelf gaan ontkennen dat het bestaat. We vergeten dat deel van ons zelf gewoon. En zo kunnen we terechtkomen in een staat van niet-weten van ons ware zelf. Ons ware zelf raakt verborgen achter een masker, het masker van onze sociale identiteit, het ego.

Schaduw = dat deel wat we ontkennen
Dat deel van ons wezen dat we ontkennen of niet toelaten in ons bewustzijn, gaat echter niet verloren. Het is een deel van jezelf dat er altijd zal zijn, ook al leidt het een verborgen bestaan. Het kleeft aan je zoals een schaduw. Je kunt doen wat je wilt om je los te maken van je schaduw zoals die gevormd kan worden door de stralen van de zon, of van een straatlantaarn, maar we weten allemaal dat dat niet lukken zal.
Precies zo gaat het met dat deel van ons zelf dat we ontkennen. Het blijft altijd bij ons, ook al zijn we ons daar niet van bewust. En het wil voortdurend erkend worden, het wil mee doen aan het leven. In elk mens leeft een innerlijke drang om te zijn wie je werkelijk bent. En als je dat jezelf niet toestaat, dan heeft dat gevolgen.

Wat je onderdrukt wordt demonisch
Alles wat je onderdrukt, daar kun je op rekenen, duikt vroeg of laat in je leven weer op. En meestal in een of andere demonische vorm. Met ‘demonisch’ bedoel ik dat het je aangepaste leven waaraan je zo gehecht was op een catastrofale wijze kan doorkruisen. Als je in zo’n situatie terecht bent gekomen, dan is het niet de duivel die je heeft verleid, maar je schaduw, het onderdrukte deel van je zelf, dat aandacht opeist, erkend wil worden, en verstorend optreedt in je ‘normale’ leven.
We kunnen nu een soort eerste wet van het ego en het zelf formuleren:
Wat je onderdrukt wordt demonisch.

De Schaduw maakt je bang voor jezelf
Alles wat je onderdrukt kan in een heel nare vorm tevoorschijn komen. Het kan toeslaan op een manier die je in verbijstering over onszelf achterlaat. Dat kan je bang maken voor jezelf. Met als gevolg dat je nog krampachtiger zult proberen je ware zelf te onderdrukken. Sommige mensen slagen daar zo goed in dat ze een ‘model-mens’ worden, en ze kunnen daar veel sociaal aanzien mee verwerven.
Maar bij iemand die zo perfect is, zit er dikwijls een addertje onder het gras. Denk maar aan de celibataire priesters die telkens weer op het slechte pad terechtkomen, tot verbijstering niet alleen van de omstanders, maar zeker ook van zichzelf. De oorzaak daarvan begint met de onderdrukking van natuurlijke, menselijke verlangens.

Je sociale identiteit is deel van Systeem
Je sociale identiteit, je ego, staat niet op zichzelf. Het is een onderdeel van de cultuur, van de structuur van de samenleving waartoe je behoort. Die structuur van de samenleving noemen we hier het Systeem.
En het lijkt nu soms wel alsof dat Systeem een eigen leven leidt, als een soort bovenpersoonlijk gegeven, dat ons niet alleen dwingt ons op een bepaalde manier te gedragen, maar ons ook dwingend onze sociale identiteit oplegt, en ons ook allerlei daarbij passende emoties laat beleven.
Het Systeem waar we deel van zijn kan zelfs van ons verlangen dat we ons ware zelf wantrouwen en ontkennen. De collectieve zelfontkenning kan zelfs een structureel onderdeel worden van een Systeem.
Heel merkwaardig is dat die collectieve zelfontkenning zelfs een wezenlijk bestanddeel kan zijn van een spirituele traditie. Je kunt bijvoorbeeld vernemen dat je als mens zondig bent, onbekwaam bent tot enig goed en geneigd tot alle kwaad. Als je daarin gelooft, geloof je dus in een beeld van jezelf, en dat beeld van jou als een zondig mens is dan je ego.

Samenvatting begrippen
We hebben nu een aantal begrippen gehanteerd. Laten we die nog eens op een rijtje zetten:

Zelf = je ware aard, dat wat je van nature bent.
Systeem = een stelsel van opvattingen die de leden van een groep of cultuur met elkaar delen, meestal zonder zich daarvan bewust te zijn, en meestal nauw verbonden met een collectief mensbeeld.
Ego = je zelfbeeld, je sociale identiteit, als onderdeel van een Systeem.
Schaduw = dat deel van je zelf dat je ontkent, waarvan je doet alsof het er niet is, maar dat altijd om erkenning zal blijven vragen.

Moeten we ons ego kwijt?
Moeten we ons ego kwijt, zoals in allerlei (westerse en oosterse) spirituele stromingen van ons wordt verlangd? Nee dat moeten we niet.
Met ons ego zijn we in de wereld, nemen we deel aan de wereld. Het is de vorm die we aannemen, een rol die we spelen, in allerlei verschillende relaties met onze medemensen, en waarmee we zin geven aan ons leven. Daar is niets mis mee.

Is het ego slecht?
Het ego is niet goed of slecht. De eventuele fout is niet je ego, maar je geloof in een ego alsof je dat bent of minstens behoort te zijn. Door je vaste geloof in je ego – alsof je dat bent – raakt je ego afgescheiden van je ware zelf. Die afgescheidenheid van ego en zelf kan je ook diep ongelukkig maken.

Open relatie tussen ego en zelf
Maar wat doen we dan met het ego? Waar het mij om gaat is dat er een open relatie kan bestaan tussen je ego en je zelf, zodat je ego en je zelf niet van elkaar afgescheiden zijn. En als die al van elkaar afgescheiden zijn, dat je dan de afgescheidenheid tussen ego en zelf leert opheffen. Dat heet heelwording, je heelt de afgescheidenheid door ego en zelf weer met elkaar te verbinden in een creatieve relatie.

Het ego als expressie van het ware zelf
In een open relatie tussen ego en zelf is het ego vloeibaar. Je kunt er dan speels en vrij mee omgaan in je persoonlijke relaties. Bedenk dat de werkelijk grote toneelspelers altijd in hun toneelrol herkenbaar zijn. Het zijn grote persoonlijkheden, en juist daarom kunnen ze een perfecte toneelspeler zijn. Met hun persoonlijkheid geven ze de glans van het leven aan hun rol, hoe die rol ook is.
Zo is ook elk schilderij van Rembrandt meteen te herkennen als een Rembrandt, en elk schilderij van Van Gogh als een Van Gogh, hoe verschillende de voorstellingen op de schilderijen ook zijn.
Zo zou ook de relatie kunnen zijn tussen het ego en zelf. Het zelf als de diepe laag in je persoonlijkheid die jou bepaalt in wat je in wezen bent. Je ego is de rol die je afhankelijk van de omstandigheden speelt, en waar je ook mee speelt. Zo is je ego een expressie van je ware zelf.
Moet je je ego dus kwijt, zoals in veel spirituele tradities zou worden beweerd? Liever niet. Waar het mij om gaat is dat je leert je ego op een creatieve wijze vorm te geven, vanuit een natuurlijke verbinding met het ware zelf.

Het ontwaken van het zelf – Confrontatie met de schaduw
Voor heelwording, voor het herstel van de open, creatieve relatie tussen ego en zelf, is nodig: de confrontatie met de schaduw.
Daarover bestaat een zeer veel voorkomend misverstand.
Dat misverstand luidt dat de confrontatie met onze Schaduw zou betekenen dat we zouden moeten accepteren dat we ‘slechte’ of ‘duistere’ kanten aan ons zelf hebben. We zouden in het reine moeten komen met onze ‘slechtheid’ door die ten eerste te erkennen en ten tweede te aanvaarden.
Maar dat is absoluut niet de bedoeling van de confrontatie met de schaduw.
Hoe ontstond ook weer de schaduw? Door delen van ons zelf weg te stoppen. Hoe doen we dat? Door ze ‘slecht’ te leren noemen en ze te leren wantrouwen. We leren bepaalde delen van ons zelf negatief te etiketteren, en zo ontstaat de schijnbaar gerechtvaardige verdringing van die delen van ons zelf. We zijn dus niet slecht, we leren bepaalde aspecten van ons zelf als slecht te ervaren.
Voor die negatieve etikettering van delen van ons zelf schamen we ons (Let wel: we schamen ons voor de negatieve etiketten, niet voor ons ware zelf). Daarom menen we er goed aan te doen om die kant van ons zelf maar te blijven verstoppen.
Willen we die verstopte delen van ons zelf terug halen, om weer ‘heel’ te worden, dan kunnen we niet langs die negatieve etiketten heen. Achter die negatieve etiketten gaan vaak zeer mooie eigenschappen van ons zelf schuil. We moeten dus de confrontatie aangaan met die negatieve etiketten. Dat is dikwijls een pijnlijke zaak, vol schaamte. Maar de uitkomst is niet dat we aanvaarden dat we ‘slecht’ zijn. Als we bereid zijn onze negatieve etiketten onder ogen te zien dan is de uitkomst altijd (hier staat dus inderdaad: altijd!) dat er een bijna magische transformatie plaatsvindt. Je vermeende slechte kant blijkt juist een heel mooie, waarachtige kant van jouw eigen diepste wezen te zijn.

Bron: brammoerland.com

Kahlil Gibran: openbaring van wijsheid


 

Geen mens kan je openbaren dan wat reeds half slapend in de dageraad van je kennis ligt.
De leraar die in de schaduw van de tempel wandelt,te midden zijner leerlingen, geeft niets van zijn wijsheid,
maar veeleer van zijn geloof en zijn liefde.
Zo hij inderdaad wijs is, nodigt hij je niet uit het huis
van zijn wijsheid binnen te treden, maar leidt je naar de drempel van je eigen geest.

Kahlil Gibran